Tips

  • Mag ‘ze’ in plaats van ‘hen’ of ‘hun’?

    Hoe bozer ik word, hoe beroerder ik ga typen. Het is een familiekwaaltje.

    Het lukt mij écht niet altijd om foutloos te schrijven.  Lees meer

  • Het bereide ei

    Een kater, daar is geen leiden aan.

    Als kind werd ik gek van de termen ‘lange ij’ en ‘korte ei’. Ik worstel er nog steeds mee, want wat is lang?  Lees meer

  • Doe niet zo griep!

    Wat bedoel je daarmee?

    Als je (ziekelijk) achterdochtig bent, ben je paranoïde. Dan lijd je aan paranoiaLees meer

  • Maak je keuze

    Hij kwam elk moment aan.

    Laatst had ik weer zo’n afgrijselijk telefoonmenu aan mijn oor. ‘Kies uit één van de volgende opties,’ kweelde een irritant vrolijke dame. Maar dat is natuurlijk je reinste onzin.  Lees meer

  • Procenten

    Procenten hebben ook hun taalkundige kantjes.

    Het begrip ‘procent’ zorgt voor veel verwarring, zowel taal- als rekenkundig. Maar het is zo simpel.  Lees meer

  • Hoe vier je een halve verjaardag?

    Dit was misschien wel een hele, dure vaas. Nu is ie niet heel meer. 

    Het is raar: mensen wensen elkaar wel een héle (fijne) verjaardag, maar nooit een halve. Hoe zou zo’n dag eruit zien? Dat je als feestvarken om 12:00 uur dood ter aarde valt? Lees meer

  • Pas op: ezelsbrug

    Ingestorte brug.

    Ik heb eens onenigheid gehad met een hoofdredacteur. Het ging ongeveer zo:
    Ik schreef:             ‘Dat wordt je gegund.’ Lees meer

  • Beide(n)

    Bezige bijtjes met hun beidjes

    Veel mensen denken dat je ‘beiden’ gebruikt als het om een meervoud gaat, maar dat is onzin. Het gaat sowieso om een meervoud, namelijk twee. Lees meer

  • O of oh?

    Oh! (O, daar heb je tante fientje ook!)

    Hele volksstammen schrijven ‘oh’ als ze ‘o’ bedoelen. Beide vormen bestaan, Lees meer

  • Vrouw met handvatten

    Zo krijg je wel vat op de vrouwtjes.

    Soms staat er (te) veel ruimte tussen woorden of woorddelen die bij elkaar horen. Dat heet een tangconstructie. Tangconstructies zijn niet per definitie fout, maar ze kunnen je lezers in verwarring brengen. En als iemand een zin tweemaal moet lezen om te snappen wat je bedoelt, ben je hem of haar misschien al kwijt. Lees meer

  • Het kind en hets ouders?

    Toen onze Mop een Mopje was, was hij aardig om te zien, nu blaft zij alle dagen…

    Het woord ‘hets’ bestaat niet. Jammer. Misschien komt het nog. Tot die tijd moeten we het maar met de huidige regels doen. Lees meer

  • Tijger- en weglatingsstreepjes

    Dit is géén tijgerprint. Een tijger heeft strepen.

    Ik zie regelmatig een autootje langs karren met daarop de tekst: ‘Groente en fruitspecialist’. Ik heb dan de neiging om het bedrijf in kwestie op te bellen en te vragen naar meneer of mevrouw Groente. En ik krijg de bijna onbedwingbare behoefte om bij een bedrijf dat reclame maakt voor ‘vloer en wandtegels’ een vloer te bestellen. ‘U bedoelt vloertegels?’ ‘Nee, ik bedoel een vloer. Dat staat in uw advertentie. Geen geld, trouwens.’ Lees meer

  • Leentjebuur

    Waarom het gras bij de buren vaak niet groener, maar wel hoger is.

    Onze taal barst van de leenwoorden. Van de meeste weten we niet eens meer dat we ze geleend hebben en (net als de grasmaaier van de buurman) stiekem hebben gehouden. Computer, baby, panty, cadeau, wie zoekt daar nu iets achter?  Lees meer

  • O, wat spannend …………………

    Puntje, puntje, puntje. Punt, uit!

     

     

     

     

     

    Als je een stukje tekst weglaat, kun je dat laten zien door drie puntjes neer te zetten. Drie. Niet méér en niet minder. Lees meer

  • Hier wordt niet geleden!

    Verklein de afstand tot je lezer met actieve zinnen.

     

     

     

     

     

     

    ‘U wordt verzocht hier uit te stappen’ en ‘onze studenten worden begeleid’. De vraag is: door wie? Het antwoord is dikwijls: door ons, wie die ‘ons’ dan ook moge zijn.

    Lees meer

  • Beeld! Geluid! Toetsenbord!

    De berg ziet nergens tegen op. Dat doen wij.

    Als ik schrijf of lees, draait er een film in mijn hoofd. Dat moet. Zonder film schrijf je onzin, en lees je niets. Toen ik eens verhalen moest jureren, kreeg ik een wel héél merkwaardig exemplaar onder ogen. Lees meer

  • Wat is het meervoud van truc?

    Hoe je erin komt, dát is de truc!

    Een truck is een vrachtwagen. Het meervoud van truck is trucks. Een vrachtwagentje is een truckje.
    Een truc is een goochelkunst, een foefje of een handigheidje. Een minitruc is een trucje (een foefjeje?).
    Tot zover gaat het goed. Lees meer

  • Willen en kunnen

    Een kind kan de was doen. Maar wíl het dat ook?

    Als je zegt dat je iets niet kunt, is er altijd wel een opvoeder die roept: ‘Je kúnt het wel, als je maar wílt.’ Dat is vaak waar, maar soms ook niet. Er zijn dingen die ik echt niet kan. Wat ik wél kan, is iets vertellen over dat glibberigste van alle werkwoorden: willen. Lees meer

  • Wees(t) consequent!

    Deze tip geldt niet voor Rotterdammers (doet effe normaal, leipgozer).

    Gelukkig zijn we het er bijna allemaal over eens: je hebt geen t meer nodig voor de gebiedende wijs.

    Kom hier. Ga weg. Drink op. Haal koffie. Lees meer

  • Raar in je hoofd

    Niet álle oude mannetjes zijn saai.

    Veel mensen worden heel raar als ze schrijven. Hun gedachten verstijven, hun woorden krijgen slobkousen aan en ze beginnen al hun zinnen met een bijwoord. Lees meer

  • Mits of tenzij?

    Natuurlijk heb ik mijn regenpak aan. Jij zei toch: ‘We gaan fietsen MITS het regent.’

    Veel mensen worstelen met de woorden ‘mits’ en ‘tenzij’. Nou ben ik zelf van het opvoederige soort, dus ik zou het liefste zien dat iedereen het verschil gewoon eens léérde. Maar ja. Tussen droom en daad staan natuurlijk weer de nodige praktische bezwaren in de weg (in dit geval geen wetten).  Lees meer

  • Onderscheid je!

    Polly is lief! Polly koekje! Koppie krauw!

    ‘Kwaliteit staat hoog in ons vaandel.’ Als ik deze zin tegenkom in een web- of foldertekst, gaat hij er meteen uit. Teksten kosten geld. Ook als je ze zelf maakt, want dan kosten ze tijd, dus geld. Lees meer