24/06

Mag ‘ze’ in plaats van ‘hen’ of ‘hun’?

Hoe bozer ik word, hoe beroerder ik ga typen. Het is een familiekwaaltje.

Het lukt mij écht niet altijd om foutloos te schrijven. Bijvoorbeeld: als ik boos ben, ga ik slecht typen. Maar ook op andere fronten zal ik wel eens een steek laten vallen, hoe veel ik ook opzoek.

Zo voelde ik me al een hele tijd schuldig over mijn gebruik van ‘ze’ waar het ‘hen’ of ‘hun’ zou moeten zijn. Ik schrijf regelmatig zinnen als: ‘Hij had het ze willen vertellen.’ Maar is dat nou logisch? Mag ik ‘ze’ gebruiken in plaats van ‘hun’?

Ik krijg een driftbui als mensen schrijven of zeggen: ‘Hun doen het ook!’ of woorden van gelijke strekking. Meestal vermom ik mijn woede als een grapje. Ik zeg dan meestal: ‘Het is niet “hun”, het is “hullie” of “zullie”!’ En daarna moet ik dan weer een halve dag extra op mijn typvaardigheid letten (‘typvaardigheid’ heb ik trouwens snel even opgezocht; denk niet dat min of meer foutloos schrijven geen moeite kost – het is heel veel werk).

Maar goed: moet ik dan niet boos op mezelf worden als ik het tegenovergestelde doe, en ‘hen’ of ‘hun’ vervang door ‘ze’?

Ik heb het maar gauw even opgezocht, want ik moet natuurlijk wel eerlijk blijven, en ook streng zijn voor mezelf. Gelukkig, het mag! Al minstens sinds 1871. Maar je mag ‘hen/hun’ alleen door ‘ze’ vervangen als je het woord niet benadrukt.

Je mag dus wel schrijven: ‘Hij gaf ze een hand,’ maar niet: ‘Hij gaf jullie en zoen en ze een hand.’ Dan moet het echt ‘hun’ zijn (meewerkend voorwerp zonder voorzetsel = ‘hun’). En dit mag wel: ‘Ik heb ze niet geslagen,’ maar dit niet: ‘Ik heb hém wel geslagen, maar ze niet!’ In dit geval gebruik je ‘hen’ (lijdend voorwerp).

En als je héél deftige, officiële teksten schrijft, is het ook netter om ‘hen/hun’ te gebruiken in plaats van ‘ze’.

En nu kan ik weer rustig slapen.

 

 


Categorie: