03/05

Hit and miss

Toen zag het er nog zo uit.

Ik was op vakantie in Engeland. Ik logeerde in een B&B, ongeveer 80 kilometer van York vandaan. Ik had daar zojuist heerlijk rondgeneusd in The Penguin Bookshop en liet me nu meevoeren door de winkelende en wandelende mensen die een breed zebrapad overstaken. Ik keek niet goed uit mijn ogen, en liep pardoes tegen een lange man aan. Tot mijn verbijstering was het een goede vriend van mij, die met zijn vrouw een dagje York ‘deed’.  Zij hadden een huisje gehuurd op ongeveer 90 kilometer afstand van York. Wij gingen gedrieën aan de thee.

Veel later, in een heel ander jaar, was ik met een vriend van mij op vakantie. We besloten een lange wandeling in een natuurgebied te maken, en we hadden er al aardig wat kilometertjes op zitten, toen we een luid getoeter achter ons hoorden. Over het smalle weggetje hobbelde ons een autootje achterop met daarin… diezelfde vriend en zijn vrouw. Zij noch wij logeerden ook maar in de búúrt van het park. Natuurlijk gingen we samen theedrinken en dineren. Maar de vraag was: hoe hadden ze ons herkend? Zij hadden mijn reisgenoot nooit eerder gezien, en bovendien: ze reden ons achterop, dus hadden ze onze gezichten niet kunnen onderscheiden.

Het antwoord was even simpel als verbijsterend: ‘Er is er maar één ter wereld die zo’n jas draagt!’ zeiden ze. Hoezo? Het was toch een heel mooie jas? Knalroze, plastic, doorzichtig. Zou ik nou echt de enige zijn geweest die zo’n jas gekocht had?

Een jaar later had ik met de vriend en zijn vrouw afgesproken bij het Centraal Station in Rotterdam. Tijd en plaats waren heel secuur vastgesteld. Dat was belangrijk, want de mobiele telefoon was nog niet uitgevonden. We stonden ruim drie kwartier op elkaar te wachten… zij aan de achterkant van het station, en ik aan de voorkant.

Het kan niet altijd raak zijn.


Categorie: