17/05

Beide(n)

Bezige bijtjes met hun beidjes

Veel mensen denken dat je ‘beiden’ gebruikt als het om een meervoud gaat, maar dat is onzin. Het gaat sowieso om een meervoud, namelijk twee. De regel is dat je ‘beiden’ gebruikt als het een zelfstandige verwijzing naar mensen betreft. In alle andere gevallen gebruik je ‘beide’.

Jan hield niet van peper en zout. Hij vond ze beide even vies.
Marga vond haar cadeautjes maar niks. Ze bracht ze beide terug naar de winkel.
Jan en Marga bleken beiden dol te zijn op ballonvaren.
De mannen struikelden. Ze hadden beiden de drempel niet gezien.

Vóór een zelfstandig naamwoord is het altijd ‘beide’, of je het nu over mensen, dieren of dingen hebt.

Beide cadeautjes bevielen haar niet.
Beide mannen vielen over de drempel.


Categorie: