10/04

Beeld! Geluid! Toetsenbord!

De berg ziet nergens tegen op. Dat doen wij.

Als ik schrijf of lees, draait er een film in mijn hoofd. Dat moet. Zonder film schrijf je onzin, en lees je niets. Toen ik eens verhalen moest jureren, kreeg ik een wel héél merkwaardig exemplaar onder ogen.

De titel was al heel bijzonder: Een astronaut beleefd een avontuur in een ruimtevleermuis.

Maar het ging pas echt fout toen de beleefde jongeman in kwestie in een pikdonker vrachtruim aan de praat raakte met een onbekende. Na een poosje ging het licht aan ‘en’, schreef de filmloze auteur, ‘wat ik ook verwachtte, dát niet: het was een vrouw!’ De geluidstechnicus had blijkbaar wat steken laten vallen. Of er was iets mis met de akoestiek (ik heb weinig verstand van ruimen in vleermuizen). Of ze had een basstem, dat kan ook.

Laten we het maar op het laatste houden: een vrouw met een basstem. Maar ze had nog meer bijzondere kenmerken. De auteur: ‘Ze had een kapsel dat haar gezicht vrijliet.’ Toen heb ik in mijn juryrapport de schrijver maar voorzichtig geadviseerd eens met zijn kapper te gaan praten.

Misschien dat hij dan in de toekomst wél beelden in zijn hoofd kan zien. En, als ze het haar over zijn oren ook wat inkorten, de geluiden daarbinnen kan horen.

Nu zit je natuurlijk smakelijk te lachen om deze schrijver. Maar zeg of schrijf je zelf dan nooit rare dingen omdat je even geen beeld hebt?

Veel mensen zeggen bijvoorbeeld: ‘Hij zag er tegen op als een berg.’ Maar ik heb nog nooit een berg tegen iets op zien zien (Word denkt nu dat ik een fout maak vanwege dat zien zien). Nou ja, misschien bestaan er kleine bergjes in de Himalaya die tegen Mount Everest op zien en denken: als ik later groot ben…

Maar doorgaans zien bergen nergens tegen op. Wat er aan de hand is (Beeld! Geluid! Toetsenbord!) is dat je tegen iets op ziet als tegen een berg.

Zie je?


Categorie: